b2ap3_thumbnail_kopsterk.jpgEen kopsterke spits komt tot zijn recht wanneer hij voldoende aanvoer krijgt vanaf de flanken. Zijn kwaliteiten worden benut onder de juiste omstandigheden. Zonder goede voorzetten raakt hij geïsoleerd. Dan komen zijn zwaktes bovendrijven ('mannetje uitspelen') en wordt hij gefrustreerd. Klachten en krachten zijn gerelateerd aan de omgeving en persoonlijk gekleurd. Dat vind ik een belangrijk uitgangspunt in de gezondheidszorg.
Daarom ben ik, naast voetballiefhebber, fan van het KOP-model. Wat is het KOP-model en wat zijn de voordelen?

KLACHTEN, OMGEVINGSFACTOREN EN PERSOONLIJKE STIJL
Het KOP-model gaat ervan uit dat klachten zijn gerelateerd aan de omstandigheden én de wijze waarop je met die omstandigheden omgaat (je persoonlijke stijl). Sommige omgevingsfactoren dragen bij aan de veerkracht (o+), andere omgevingsfactoren verminderen de veerkracht (o-).  Zo kan iemand bijvoorbeeld overspannen raken (klacht) door drukte op het werk en verstoorde arbeidsverhoudingen (omstandigheden) in combinatie met een perfectionistische en subassertieve instelling (persoonlijke stijl). Een KOP-schema (K = O x P ) schept duidelijkheid en wijst de weg naar oplossingen. Die oplossing hoeft niet altijd 'tussen de oren' te liggen. Soms is een aanpassing van de omstandigheden nuttiger en voldoende. 

VIJF VOORDELEN VAN HET KOP-MODEL:

LEKKE BAND
Mijn vader leerde me vroeger dat je naast het plakken van je binnenband ook de buitenband moest inspecteren op scherpe voorwerpen. Kijk je niet verder dan het lek dan loop je het risico dat je band steeds opnieuw wordt lek geprikt. Dat is het principe van de KOP-theorie. Zelfs een lekke band heeft een context. Veeg bijvoorbeeld eens het glas van je stoep. 

Lees er meer over in 'Kortdurende psychologische interventies voor de eerste lijn' , door Paul Rijnders en Els Heene. en het Psyblog 'Het goede van Mirro'.